28 mei 2014

De nieuwe isolatienorm NEN 1068:2012/C1:2014 heeft meerdere gevolgen voor de praktijk. Met eigen software van Epos kan de norm inmiddels maatwerk worden doorgerekend voor alle buitenconstructies van uw bouwwerk. Inmiddels is wel duidelijk dat de nieuwe norm zal leiden tot zeer substantiële wijzigingen in de trajecten voor en na de aanvraag omgevingsvergunning. Deze effecten worden nog versterkt door een aantal parallelle BouwBesluit ontwikkelingen. Hierbij een aantal observaties:

- Nieuwbouw doorrekenen met zg. "forfaitaire koudebruggen" pakt zeer ongunstig uit. Wie bouwt met Rc 6,00 voor het dak houdt daarvan met deze rekenvariant effectief nog maar een Rc van ca 4,00 a 4,50 over. Dat wil natuurlijk niemand, zodat de koudebruggen dus expliciet zullen moeten worden opgevoerd, hetzij met exacte hetzij met forfaitaire waarden voor het warmteverlies. Dit heeft met name gevolgen voor appartementengebouwen met veel balkon- en galerij-aansluitingen. Deze gebouwen zullen een slechtere epc scoren dan voorheen.

- De intenties met het BouwBesluit zijn om 'hard' een Rc-waarde van 5 of 6 voor te gaan schrijven voor alle daken. Als dit ook voorgeschreven gaat worden voor dakkapellen, zullen de dakdelen hiervan erg dik worden. Mogelijke oplossing: de isolatie niet laten doorlopen naar buiten toe. Dit vraagt wel om voorbereidingen in de detaillering.

- In de aanloop naar de aankomende EPN van 0,40 voor woningen: zorg dat u weet welk warmteverlies uw aansluitdetails hebben. Het warmteverlies wordt gegeven in de vorm van een zg. Psi-waarde [in W/m.K].

- Bouwen onder certificering/kwaliteitsborging wordt met de nieuwe norm min of meer verplicht. Zonder certificaat krijgt u een verplichte verslechtering op alle U-waarden van 5% opgelegd. Om een dak met een Rc van 6,00 te krijgen moet u dan feitelijk een Rc van 6,35 realiseren - nog los van alle andere in rekening te brengen verslechteringen op de U-waarde.


Terug naar het nieuwsarchief.