3 november 2016

Tot eind 2015 was het aanmaken van tapwater problematisch voor warmtepompen. De gewone combi-warmtepomp-met-voorraadvat is veelal uitgelegd op een lage-temperatuur traject. Hierbij wordt koud water opgewaardeerd van ca 10 graden naar ca 45 graden met behulp van omgevingswarmte. Maar warm tapwater moet legionella-vrij worden gehouden en dat betekent minstens 1x per week het voorraadvat opwarmen tot 60 graden met een energieverslindend elektrisch element.Itho_Daalderop_Booster-WP
Alpha_Innotec_Booster-WPMet de komst van de booster-warmtepomp (zie de twee figuren) hoeft dat nu niet meer. Deze warmtepomp is uitgelegd op een hoger temperatuur traject nl. van ca 25-35 graden naar 60 graden. Het opwekkingsrendement is financiëel gezien vergelijkbaar - of zelfs beter - dan dat van gas. Het belangrijkste voordeel: de aanleverende warmtebron kan lage-temperatuur worden gedistribueerd, wat ten eerste zeer veel leidingverliezen scheelt en ten tweede maakt, dat ook processen met lage-temperatuur restwarmte als bron in aanmerking komen. Epos ziet voor deze nieuwe techniek in elk geval twee belangrijke toepassingen: (1) lage-temperatuur stadsverwarming kan gemakkelijk worden opgewaardeerd naar hoge-temperatuur warm tapwater (2) in all-electric woongebouwen kan in principe worden volstaan met één lage-temperatuur ringleiding.
Inmiddels levert Epos de eerste woonwijk uit waar het warm tapwater met een booster-warmtepomp zal worden verzorgd. De warmtebron zal hierbij bestaan uit lage-temperatuur stadsverwarming.


Terug naar het nieuwsarchief.